De korte dialoog
Een goede dialoog verbindt mensen, maakt ruimte en kweekt begrip. Dit zijn zaken die in een klassiek socratisch gesprek worden nagestreefd. Wie niet de zin en/of de tijd heeft om een uitgebreid socratisch gesprek te voeren, kan zijn voordeel doen met een korte dialoogvorm zoals hieronder beschreven. Met deze vorm valt in korte tijd relatief veel resultaat te behalen.
Onderstaande tekst is goeddeels gebaseerd op een tekst uit Jos Kessels, Erik Boers, Pieter MostertVrije ruimte; filosoferen in organisaties; Boom 2002; ISBN 90 5352 827 x.
Zes tips voor het bouwen van een goede dialoog
- Neem de tijd. Een dialoog is een vorm van langzaam denken, gericht op diepgang.
- Luister. Stel vragen. Verplaats u in een ander. Bekijk de wereld door diens ogen.
- Er hoeft geen beslissing uit te komen. Begrip kweken en zicht krijgen op elkaars denkbeelden is voldoende resultaat.
- Denk niet tegen de anderen ('ja, maar' = 'nee, want'). Denk met de anderen, denk samen, denk als één hoofd ('ja, en').
- Fixeer u niet op oplossingen. Onderzoek de onderliggende redenen, waarden of visies van een probleem of oplossing.
- Maak ruimte voor nieuw denken. Ga voorbij uw oude denken.
Vier stappen in een korte dialoog
stap 1
Vertel kort wat u ervaren hebt. Het moet de anderen duidelijk worden wat
- er feitelijk gebeurd is (feiten)
- u zelf gedaan hebt (handeling)
- de situatie voor u persoonlijk betekent (gevoel)
- de vraag is die onderzocht moet worden (onderzoeksvraag).
stap 2
De anderen stellen verhelderingsvragen. Dat betekent dat de vragen enkel gericht zijn op het wegnemen van onduidelijkheden en het verkrijgen van benodigde extra informatie. De vragen mogen niet de suggestie van een antwoord of oordeel in zich hebben.
stap 3
De anderen verplaatsen zich in de schoenen van de voorbeeldgever. Dat betekent dat zij zich afvragen
- wat de situatie voor hen zou betekenen (gevoel)
- wat zij in de voorbeeldsituatie zouden doen (handeling)
- hoe zij de onderzoeksvraag uit stap 1 zouden beantwoorden (oordeel), en
- op welke onderliggende principes of waarden ze zich daarbij zouden baseren (visie).
stap 4
Aan het eind neemt ieder individueel een paar minuten de tijd om voor zichzelf te formuleren wat de essentie is. Dat gebeurt door de volgende vragen te beantwoorden:
- wat gaat mij aan het hart, wat moet ik hier ter harte nemen (essentie)
- welke moed is nodig om daaraan recht te doen (moed),
wat zou ik daarvoor moeten opgeven (maat), en
wat heb ik dan onder ogen te zien (bezonnenheid)
- wat is nu dus nodig (rechtvaardigheid)?
<< home | artikel over socratisch gesprek |
mail een vriend of collega over deze pagina